Woordschuur › Woorden A-Z › D
Synoniemen met de letter D
Hieronder staan alle 220 woorden met de letter D, met de eerste synoniemen erachter. Klik op een woord om alle synoniemen te zien.
d-treinen sneltreinen
daad actie, handeling
daadkracht aandrift, energie, esprit, fut, kracht, momentum
daadkrachtig dynamisch, energiek
daadloosheid inertie, lethargie, willoosheid
daadwerkelijk efficiënt, feitelijk, in werkelijkheid, metterdaad, werkelijk
daags alledaags, dagelijks, gebruikelijk, gewoon
daar aangezien, aldaar, daarginds, daarheen, die kant uit, er
daarachter achter, erachter
daarbij bovendien, daardoor, daarenboven
daarbinnen binnen, daarin, erin
daarboven boven, erbovenuit
daarbovenop plus
daarbuiten voor de rest
daardoor daarbij, daarom, dientengevolge
daarenboven alsmede, bovendien, buitendien, daarbij, ook, overigens
daarentegen anderzijds, daartegenover, echter, terwijl
daarginds aldaar, daar, er, ginder, ginds
daarheen daar
daarin daarbinnen, erin
daarmee ermee
daarna vervolgens, later, erna, daaropvolgend, nadien, dan
daarnaar ernaartoe
daarnaast bovendien, verder, voorts, ook, tevens, daarbij
daarnet aanstonds, daarstraks, dadelijk, juist, meteen, net
daarnevens daarnaast, ernaast
daarom bijgevolg, daardoor, derhalve, deswege, dus, erom
daaronder eronder
daarop aansluitend, daarna
daarstraks aanstonds, daarnet, dadelijk, juist, meteen, net
daartegenover anderzijds, daarentegen
daartussen ertussen, tussenin
daarvoor ervoor, voor
daas dof, geesteloos, mat, soezerig, suf, versuft
dacht denken
dad pap
dadelijk aanstonds, daarnet, daarstraks, direct, gelijk, juist
dader zondaar
dag dageraad, daglicht, doei, etmaal, goedendag, tot ziens
dagblad courant, krant
dagboek journaal, logboek
dagdief luiaard
dagelijks alledaags, daags, gebruikelijk, geregeld, gewoon
dagen aanbreken, begrijpen, dagvaarden, uitdagen
dageraad begin, morgenschemering, ochtendgloren, ochtendstond, zonsopgang
daging dagvaarding
dagingen dagvaardingen
daglicht licht
dagmenu dagschotel
dagploeg ploeg
dagregister journaal
dagreis excursie, gang, reis, rit, tocht, toer
dagretour retourtje, treinkaartje
dagschotel dagmenu, gerecht
dagtekenen dateren
dagtekening datum
dagtocht excursie, uitstapje
dagvaarden dagen
dagvaarding daging, exploot, lading, oproep
dagvaardingen dagingen
dagverblijf buitenverblijf, crèche, kinderbewaarplaats
daim hertenleer
dak afdekkap, bedekking, huis, kap, koep, koepel
daken bovenwoningen
dakgoot goot
dakje accent circonflexe, caret, circonflexe, circumflex
dakkamer zolderkamertje
dakkamertje zolderkamer, zolderkamertje
daklicht bovenlicht, dakraam, dakvenster
dakloos onbehuisd
dakloze zwerver
dakpan pan
dakraam bovenlicht, daklicht, dakvenster, lantaarn, vallicht, venster
dakspant bundel, spant, streng
dakspanten spanten
dakterras plat
dakvenster bovenlicht, daklicht, dakraam
dakverdieping zolderverdieping
dakvorst nok, top
dal bergdal, inzinking, laagte, ravijn, tranendal, vallei
dalen afdalen, afnemen, declineren, lager worden, minder worden, minderen
dalend neergaand
daling achteruitgang, afdaling, afname, helling, landing, minder worden
dam afsluitdijk, dijk, keerdam, stuw, stuwdam, waterkering
dame juffrouw, mevrouw, prinses, vrouw
dames vrouwen
damesondergoed lingerie
damestas handtas, tasje
damesverband maandverband
dametje vrouwtje
dammer damspeler
damp nevel, rook, smog, stoom, uitwaseming, walm
dampen afgeven, blowen, damp afgeven, rook afgeven, stomen, tabak roken
dampig mistig, nevelig, rokerig
dampkring atmosfeer, lucht, luchtmassa, luchtruim, ruimte
dampkring rond aarde lucht
damschijf schijf
damspeler dammer
dan achteraf, daarna, naderhand, vervolgens
dan wel respectievelijk
dancing danstent, disco, discotheek
dandy fat, kwast, pedant
danig behoorlijk, brandend, buitengewoon, duchtig
dank dankbetuiging, erkentelijkheid
dank betuigen bedanken, danken
dankbaar erkentelijk, vruchtbaar
dankbaarheid danken, erkentelijkheid
dankbetuiging bedankbrief, dank, dankzegging
danken bedanken, bedankje, bidden, dank betuigen, dankbaarheid, erkentelijkheid
dankzegging bedankbrief, dank, dankbetuiging, dankgebed, uiting van dank
dans bewegingstheater, dansje
dansen huppelen, swingen
danseres amazone, onbeschaamd
dansfeest bal, danspartij, gala
dansje dans
dansorkest band, muziekgezelschap
danspartij bal, dansfeest, galabal, soiree
danspartner partner
danstent dancing, dansgelegenheid, danslokaal, disco, uitgaansgelegenheid
dansvloer plankier
danszaal danstent
dapper braaf, eerlijk, ferm, fiks, flink, geducht
dapperheid koenheid, moed, moedigheid, onversaagdheid
dar bij, hommel, honingbij, mannelijk dier, mannelijke bij, tak van sport
darm ingewanden, pens
darmbacteriën darmflora
darmbeweging peristaltiek
darmen ingewanden
darmflora darmbacteriën
darmkanaal aars
darmontsteking catarre
darmspoeling klisteer
dartel blij, blijmoedig, fideel, fleurig, geestig, jolig
dartelen dol, huppelen, robbedoezen, stoeien
dartelheid levendigheid, speelsheid
das bouffante, halsdoek, shawl, sjaal, stropdas
dashboard instrumentenbord
dashond hondachtige, hondenras, hondensoort, jachthond, taks, teckel
dassen stropdassen
dat datgene, deze, die, dit, zulks
data gegevens
databank database, databestand, gegevensbank
database databank, gegevensbestand
databestand databank, gegevensbank
datakwaliteit juistheid, nauwkeurigheid, plausibiliteit
date afspraakje, geplande ontmoeting, vreemde afspraak
dateren dagtekenen, teruggaan, teruggrijpen, verouderen
datgene dat, zulks
datief casus, derde macht, derde naamval, gegeven, naamval, verbuigingsvorm
datum dagtekening, termijn
daveren blaffen, brullen, bulderen, denderen, dreunen, schreeuwen
daverend donderend, eclatant
dazen ijlen
de gij, het
de bal terugkaatsen vergelden
de bedoelde alinea desbetreffend
de belangen belangen
de borst geven zogen
de draak steken bespotten
de facto feitelijk, in feite
de hele tijd continue, gedurig, ononderbroken, steeds, telkens, voortdurend
de hoogte ingaan aangroeien, aanwassen, aanwinnen, aanzwellen, gedijen, groeien
de jongere junior
de kit politie
de komende tijd voorlopig
de kop indrukken onderdrukken
de kost verdienen bedruipen
de liefde bedrijven beminnen, liefkozen, minnekozen, minnen, vrijen
de maaltijd bereiden koken
de moeite waard lonend
de natuur in buiten, te velde
de overhand hebben domineren, heersen, overheersen
de overwinning behalen winnen
de spot drijven bespotten
de tijd opnemen klokken
de voorrang hebben overheersen, primeren
de wals dansen walsen
de weg kwijtraken verkeerd lopen
deadline termijn
deal handeltje, transactie, zaak
dealen pushen
declaratie aangeven, aangifte, bevestiging, bewering, mededeling, melding
declareren aangeven, in rekening brengen, indienen, opgeven, rekening indienen
deel aandeel, band, basisbestanddeel, bestanddeel, boekdeel, component
defect aan stukken, beschadigd, beschadiging, buiten gebruik, dood, euvel
denkbeeldig aangenomen, bedacht, fantastisch, fictief, gefingeerd, geveinsd
denken vinden, menen, geloven, veronderstellen, aannemen, vermoeden
dicht gesloten, toe, op slot, afgesloten, dichtbij, nabij
dichtbij nabij, vlakbij, in de buurt, naast, om de hoek, op loopafstand
dichtbijgelegen aangrenzend, aanliggend, nabij
dienen baten, bedienen, behoren, bijdragen, helpen, horen
dik zwaar, corpulent, gezet, mollig, stevig, fors
discipel aanhanger, navolger, volgeling
doel streven, oogmerk, bedoeling, intentie, mikpunt, doelstelling
doen uitvoeren, verrichten, handelen, maken, verzorgen, afhandelen
doen opvlammen aanblazen, aanwakkeren
dom stom, onnozel, dwaas, idioot, achterlijk, onverstandig
door aan, als gevolg van, door middel van, doorheen, ingevolge, langs
door draaien vastmaken aandraaien
doordrammen aandringen, doordrukken, drammen, zeuren
doordrukken aandringen, doordrammen, doordrijven, doorstoten, doorzetten, drammen
doorlopend aaneengesloten, aanhoudend, altijd, altijddurend, constant, continu
doornemen aanbieden, doorbladeren, herhalen, indienen, lezen, nazeggen
dragen aan hebben, aanhebben, doorstaan, dulden, harden, ondersteunen
dramatisch aangrijpend, pathetisch, verschrikkelijk, vreselijk
drammen aandringen, doordrammen, doordrukken, dwingen, zeuren
drang aandrang, aandrift, drift, impuls, neiging, opwelling
drift aandrang, aandrift, begeerte, boosheid, drang, genoegen
driften aandriften, zich reppen
drijfkracht aandrijfkracht, stuwkracht
drijfwerk aandrijfmechanisme, aandrijving, mechanisme, transmissie
drijven aandrijven, opjagen, voortdrijven
drinken nuttigen, slurpen, nippen, drinken van, opdrinken, leegdrinken
dronken aangeschoten, beneveld, beschonken, bezopen, blauw, kachel
droog dor, uitgedroogd, verdroogd, kurkdroog, dorstig, saai
duidelijk helder, begrijpelijk, overzichtelijk, klaar, evident, zonneklaar
dun mager, slank, tenger, schraal, smal, fijn
durven avonturen, riskeren, wagen
dus daarom, derhalve, bijgevolg, zodoende, aldus, vandaar
duur kostbaar, prijzig, begrotelijk, peperduur, onbetaalbaar, luxe