Woordschuur › Woorden A-Z › O
Synoniemen met de letter O
Hieronder staan alle 243 woorden met de letter O, met de eerste synoniemen erachter. Klik op een woord om alle synoniemen te zien.
obelisk gedenknaald, zuil
ober bediende, kelner
obers bedienden
obesitas vetzucht
object artikel, ding, goed, item, kunstvoorwerp, voorwerp
objectief feitelijk, lens, onpartijdig, waarneembaar
obligaat gebruikelijk, obligatoir, vereist, verplicht
obligatie effect, schuldbrief
obligatoir obligaat, vereist, verplicht
obligo garantie
obsceen goor, schuin, vies, vunzig, zedeloos
obsceniteit ontuchtigheid, vuilbekkerij, vuilheid, vuiligheid
obscuriteit donker, donkerte, duister, duisterheid, duisternis
obscuur donker, dubieus, duister, glibberig, louche, onguur
obsederen intrigeren
observatie apperceptie, beschouwing, onderzoek, perceptie, waarneming
observator waarnemer
observatorium sterrenwacht, uitkijkplaats, uitkijkpost
observeren aanschouwen, bekijken, bespieden, bewandelen, bijhouden, eerbiedigen
obsessie bezetenheid, dwanggedachte, dwangvoorstelling
obstakel belemmering, beletsel, hindernis, klip
obstakels hindernissen
obstetrisch verloskundig, vroedkundig
obstinaat bokkig, eigenzinnig, halsstarrig, hardnekkig, koppig, onhandelbaar
obstructie belemmering, verhindering, verstopping
obstrueren belemmeren, hinderen, remmen
occasion gebruikte auto, gelegenheid, gelegenheidsaanbieding, inruilauto, inruilwagen, koopje
occlusie afsluiting, insluiting, medische term, opsluiting
occult geheim, verborgen
occuperen bezetten, bezighouden, in bezit nemen
oceaan wereldzee, zee
oceaanstomer passagiersschip
och ach, ah, allemachtig, ha, helaas, oh
ochtend aanvang, morgen
ochtendblad krant
ochtendgloren dageraad, morgenschemering, ochtendstond, zonsopgang
ochtendjas duster, kamerjas, peignoir
ochtendkrieken dageraad, ochtendgloren, vroege vruchten aanbreken
ochtendstond dageraad, morgen, morgenschemering, ochtendgloren, zonsopgang
octaaf gamma, ladder, toonladder, toonschaal
octrooi exploitatierecht, patent
oculist oogarts
ode eerbetoon, gedicht, lofdicht
odeur geur, parfum, reukwater
odyssee reis
oedeem waterzucht
oef oei
oefenen bekwamen, coachen, harden, herhalen, maken, ontwikkelen
oefening africhting, opgave, opleiding, scholing, training
oefenmeester coach, huisleraar, instructeur, leermeester, opleider, repetitor
oefenplaats speelplaats, strijdtoneel
oehoe uil
oei oef, uiting van afkeuring, uiting van droefheid, uiting van schrik, uiting van verrassing, uitroep
oekaze decreet
oen domoor, druiloor, idioot, onnozelaar, onnozele, rund
oenen druiloren, sufferds, sullen
oenig dom, klunzig, onbenullig, onhandig, stom, sullig
oer heel erg, tijd
oerbeeld archetype, oorspronkelijke voorstelling
oerbos oerwoud
oerdom oliedom
oerlelijk afzichtelijk, foeilelijk, monsterlijk, wanstaltig
oermoeder stammoeder
oeroud grijs
oersterk ijzersterk
oertekst grondtekst
oervaders stamvaders
oervorm archetype, oorspronkelijk uiterlijk, oorspronkelijke vorm
oerwoud bos, jungle, regenwoud, rimboe
oerwouden jungles, rimboes
oeuvre verzamelwerken, werk
oever kade
oeverloos eindeloos, grenzeloos, onbegrensd, onbeperkt, zonder begrenzing, zonder limiet
oeverriet riet, rotan
oevers wallen
of al, alsof, ofwel
offensief aanval, aanvallend, agressief, attaque, bestorming, run
offer offerande, opoffering, slachtoffer
offerande offer, opoffering, plengoffer, slachtoffer
offerblok offerbus
offerbus offerblok
offeren afstaan, betalen, bloedbad, geven, opofferen, slachting
offerte aanbieding, aanbod, prijsopgave
offervaardig liefdadig
officieel ambtelijk, echt, formeel, vormelijk
officieel stuk akte
officier functionaris, stafmedewerker
officieus informeel, onofficieel, zijdelings
offreren aanbieden, aangeboden, laten zien, presenteren, tonen, voorleggen
ofschoon al, alhoewel, hoewel
oftewel tegenstelling, verklarend
ofwel of
ogen beogen, eruitzien, kijken naar, kijkers, staan
ogenblik minuutje, moment, ommezien, oogwenk, poos, seconde
ogenblikkelijk direct, meteen, plotseling, à la minute
ogenschijnlijk blijkbaar, kennelijk, schijnbaar, uiterlijk
oh ach, ah, allemachtig, ha, och, tjonge
okerachtig okerkleurig
okerkleurig okerachtig
oké akkoord, goed
okkernoot walnoot
oktober wijnmaand
olie aardolie, kerosine, motorolie, reuzel, smeer, smeersel
oliebol smoutebol
oliedom aartsdom, oerdom, onwetend
oliegoed regenkleding, waterdichte kleding
oliehaard haard, kachel, oliestook, verwarmingstoestel
oliekachel kachel, stookplaats, verwarmingsapparaat, verwarmingstoestel
olielamp lamp
olienoot aardnoot, pinda
oliepak kledingstuk, waterdichte kleding, werkkleding
oliereservoir olietank, olievat
oliesel zalving
olietank oliereservoir, olievat
olievat oliereservoir, olietank
olieverf verf
oliën invetten, smeren
olifant jumbo, log mens
olijfgroen groen
olijk guitig
olijkerd deugniet, grappenmaker, guit, komiek, paljas, pias
olijkerds guiten
olm iep
olmen iepen
om afwisselend, in ruil voor, omstreeks, omwille van, rond, rondom
om het even eender
om te drinken rietje
om te slaan rietje
om wat waarom
oma bes, best, bestemoer, grootje, grootmama, grootmoe
omarmen accepteren, drukken, omhelzen, omstrengelen, samentrekken
omarming omhelzing, omstrengeling, schoot
ombinden omwinden
ombladeren omkeren, omslaan
omblazen omverwaaien, omwaaien
ombouwen veranderen
ombrengen afmaken, afslachten, bezorgen, doden, doodmaken, doodschieten
ombudsman intermediair
ombuigen bezuinigen, buigen, doen buigen, krom buigen, verbuigen, zich buigen
ombuiging bezuiniging, keer, kentering, omkeer, ommekeer, ommezwaai
omcirkelen draaien om, omsingelen, omsluiten
omdat aangezien, want, doordat, daar, vanwege, om reden dat
omdijken bedijken
omdoen aandoen
omdopen herdopen, naam veranderen
omdraaien draaien, keren, omkeren, omslaan, ronddraaien, wenden
omdraaiing draai, wending
omduikelen omkukelen, omrollen, omvallen
omduwen omstoten
omgaan gebeuren, hanteren, omlopen, optrekken, passeren, verstrijken
omgaan met verkeren
omgaan met mensen omgang
omgaand omgaande
omgaande omgaand
omgang galerij, geslachtsgemeenschap, omgaan met mensen, omloop, ommegang, processie
omgangen optochten, processies, stoeten
omgangstaal spreektaal
omgangsvorm conventie, manier, vorm
omgangsvormen fatsoen, manieren
omgedraaid omgekeerd
omgekeerd achterstevoren, andersom, averechts, binnenstebuiten, contrarie, ondersteboven
omgekeerde tegendeel, tegenovergestelde
omgelegen naburig, omliggend, rondom liggend
omgeven insluiten, omringen
omgeving ambiance, buurt, medium, milieu, omtrek
omgezet geconverteerd, veranderd, verhandeld
omgooien kantelen, omkeren, omkiepen, omkieperen, omvergooien, omverwerpen
omgraven omploegen, omspitten, omwerken, ploegen, spitten
omhaal ceremonie, drukte, gedoe, krul, omslachtigheid, omweg
omhakken bomen kappen, hakken, houwen, kappen, vellen
omhalen omhakken, omwerken, wenden
omheen langs, rondom
omheind omheining, wildpark
omheinen afrasteren
omheining afrastering, omheind, omrastering, wildpark
omheiningen beschuttingen, hekken, schuttingen
omhelzen aannemen, beoefenen, omarmen, omsluiten, omstrengelen
omhelzing omarming, omstrengeling
omhooggaan aangroeien, aanwassen, aanwinnen, aanzwellen, gedijen, groeien
omtrent aangaande, in de buurt, omstreeks, ongeveer, over
onafgebroken aaneengeschakeld, aaneengesloten, aanhoudend, constant, continu, continue
ondernemen aangaan, aanpakken
onderwerp thema, kwestie, punt, zaak, item, topic
onderzoeken bestuderen, analyseren, nagaan, uitzoeken, uitpluizen, nakijken
ongeveer circa, ruwweg, zowat, omstreeks, plusminus, rond
onklaar aan stukken, buiten gebruik, defect, gebroken, in stukken, kapot
onmogelijk ondoenlijk, onhaalbaar, onuitvoerbaar, uitgesloten, ondenkbaar, onbestaanbaar
ononderbroken aaneengesloten, aanhoudend, aldoor, almaar, constant, continu
onophoudelijk aaneengesloten, aanhoudend, aldoor, almaar, altijd, constant
ontdekken vinden, aantreffen, achterhalen, opsporen, uitvinden, ontmaskeren
ontroerd aandoenlijk, aangedaan, geëmotioneerd
ontroeren aangrijpen, bewegen, raken, treffen
ontroerend aangrijpend, emotioneel, hartroerend, hartveroverend, roerend, storend
ontsluiten aanboren, ontgrendelen, ontsluiting, opendoen, opendraaien, openen
ontsteken aanblazen, aanmaken, aansteken, doen branden, licht aansteken, ontbranden
ook eveneens, tevens, evenzo, bovendien, daarnaast, insgelijks
oorzaak reden, aanleiding, bron, oorsprong, grond, wortel
op aan, afgedraaid, afgemat, afgepeigerd, binnen, doodmoe
op iets aandringen aandringen, aanhouden
opbellen aanbellen, bellen, iemand opbellen, oproepen, telefoneren, telefonisch benaderen
opblazen aandikken, doen ontploffen, iets overdreven voorstellen, laten exploderen, opkloppen, opschroeven
opbrengen aanbrengen, aandoen, aantrekken, arresteren, betalen, opleggen
opdienen aan tafel bedienen, bedienen, opdissen, serveren, voorzetten
opdissen aan tafel bedienen, bedienen, fantaseren, opdienen, opscheppen, voorzetten
opdringen aanpraten, forceren, openduwen, oprukken
opeenvolgend achtereenvolgend
opeenvolging aaneenschakeling, continuïteit, rangorde, reeks, sequentie, serie
opeenvolgingen aaneenschakelingen, reeksen
open geopend, ontsloten, openstaand, vrij, toegankelijk, openlijk
opengemaakt aangebroken, geopend
opengeprikt aangeprikt
ophopen aangroeien, opkroppen, opstapelen, stapelen, verhogen, verzamelen
ophouden aanbelanden, aankomen, aanlanden, afhaken, aflaten, aflopen
opjagen aandrijven, aanzetten, achtervolgen, drijven, jachten, opdrijven
opkloppen aandikken, dramatiseren, iets overdreven voorstellen, kloppen, opblazen, opschroeven
opkrikken aandrijven, aansporen, opwekken, prikkelen, stimuleren
opleggen aanbrengen, aandoen, aantrekken, opbrengen, opdragen, opladen
opleggers aanhangers, aanhangwagens, trailers
opletten aandacht erbij houden, aandachtig luisteren, behartigen, hoeden voor, luisteren, oppassen
oplettend aandachtig, alert, attent, uitgeslapen, waakzaam, wakker
oplettendheid aandacht, acht, attentie, zorg
oplossing uitweg, antwoord, remedie, middel, aanpak, oplossingsrichting
opmerkzaam aandachtig, alert, attent, oplettend
opmerkzaamheid aandacht, attentie, oplettendheid
oppoken aanblazen, aanstoken, aanwakkeren, agiteren, in beroering brengen, opporren
opschroeven aandikken, opblazen, opdrijven, opkloppen, overdreven voorstellen, overdrijven
opstapelen aangroeien, cumuleren, op elkaar stapelen, opeenhopen, ophopen, opkroppen
opstoken aanblazen, aanstoken, aanwakkeren, aanzetten, agiteren, opfokken
optreden aanbieding, ageren, doen, functie vervullen, gebeuren, gedrag
opwekken aanblazen, aandrijven, aanmoedigen, aansporen, aanvuren, aanwakkeren
opwelling aandrang, aandrift, aanval, bevlieging, beweging, drang
opzetten aangroeien, aanmoedigen, aanwassen, aanwinnen, aanzwellen, beginnen
oud bejaard, hoogbejaard, op leeftijd, grijs, ouderwets, verouderd
over aan, aangaande, af, afgedaan, afgelopen, beëindigd
overbrengen aanbrengen, besmetten, communiceren, klikken, meedelen, melden
overdreven aanstellerig, begerig, bont, buitensporig, duur, erg
overdreven voorstellen aandikken, opblazen, opkloppen, opschroeven, overdrijven
overdrijven aandikken, afleggen, aflopen, chargeren, doorgaan, iets overdreven voorstellen
overgeven aangeven, aanreiken, afgeven, afstaan, braken, capituleren
overhandigen aanbieden, aangeven, aanleveren, aanreiken, afgeven, afleveren
overhandiging aanbieding, afgifte, bestelling, bezorging, uitreiking
overspannen aan stress lijdend, doorgedraaid, gespannen, gestrest, omspannen, overdreven
overzicht aanblik, blik, inzicht, kijk, lijst, lijst van gegevens